Tags

, , , , ,

Goede voornemens
Het jaar -218 eindigt, samen met de ambtstermijnen van consuls Scipio (ernstig gewond) en Longus (verslagen tijdens de Slag bij de Trebia). Hannibal heeft een sterke machtsbasis in Noord-Italië opgebouwd en zijn leger is gestaag aan het uitdijen. Met de wintermaanden daalt er even rust neer. Maar alle partijen zijn druk bezig met het maken van goede voornemens voor het nieuwe campagneseizoen.

Nieuwe consuls, nieuwe kansen
De Romeinen weten dat de rust maar van korte duur is. Zoals ieder jaar treden er twee nieuwe consuls aan: Gaius Flaminius Nepos en Gnaeus Servilius Geminus. De eerste was een grote naam in Rome. Flaminius Nepos was al eerder consul geweest, was een voorvechter van gelijke juridische behandeling voor de verschillende lagen van de bevolking en de naamgever van de Via Flaminia, de belangrijke Romeinse weg van Rome naar het noorden. Richting Hannibal, in dit geval.

via_flaminia

Restanten van de Via Flaminia. Flaminius Nepos’ werk kan nog altijd op waarde geschat worden.

Told you so!
Ondanks, of waarschijnlijk juist vanwege, zijn successen in het verleden was Flaminius Nepos bang dat zijn collega-senatoren zijn consulschap zouden frustreren. Direct na zijn aantreden begin -217 begon hij met het samenstellen van een nieuw leger. Hij maakte hiervoor zoveel tijd vrij dat hij zelfs zijn rituele benoemingsceremonies er voor oversloeg. Tegenwoordig kun je dat zien als plichtsgetrouwdheid en pragmatisme, toentertijd werd het vooral opgevat als arrogantie en een bijzonder slecht voorteken. En zoals dat gaat met historisch gedocumenteerde slechte voortekenen komen ze eigenlijk altijd uit. De geschiedenis zit vol met overgeleverde ‘Ik-zei-het-je-toch?’s. De keren dat men het mis bleek te hebben zijn wat lastiger te vinden.

Een bijzonder goed doordacht vangnet
Om Rome effectief te verdedigen marcheren de consulaire legers naar het noorden. Het idee is Hannibal op een gunstige locatie, het liefst ver van Rome, op te vangen, vast te houden en te verslaan. Met de lastig begaanbare Apennijnen-bergketen tussen hen in stationeren de consulaire legers zich aan beide kanten van het Italisch schiereiland. Hoe Hannibal ook naar het zuiden trekt, ze zullen hem opvangen. Want ja, hij kan toch onmogelijk die bergketen oversteken? Dat is ondenkbaar!

De Apennijnen

De Apennijnen doen niet noodzakelijkerwijs onder voor de Alpen.

Nu doet-ie het wéér!
Je zou denken dat de Romeinen van hun hoogmoed genezen waren, maar uit deze actie blijkt wel anders. Hannibal, vroeger in het jaar dan de Romeinen hadden verwacht (waar hebben we dat eerder gehoord?), marcheert zijn leger over de Apennijnen heen. De tweede onwaarschijnlijke bergactie die hij op zijn CV kan zetten.

Plotseling duikt Hannibal dus áchter de verdedigingslinie van de consuls op, met de weg naar Rome vrij. De Romeinen hebben geen keus dan zich om te draaien en de achtervolging in te zetten. Het initiatief is weer vertrouwd in Hannibals handen.

Een titel voor de verzameling
Flaminius Nepos is dichter bij Hannibals leger dan zijn collega-consul. Met zijn tekenende plichtsgetrouwdheid en pragmatisme (of was het arrogantie?) wacht hij niet op versterkingen, maar zet hij op hoge snelheid de achtervolging in. Naast de titels “Verdediger van het Plebs” en “Wegenbouwer van het Jaar” heeft hij zijn zinnen nu gezet op “Redder van de Republiek”. Dat is niet een titel die je wilt delen, noch is het een wisselbokaal.

Op 24 juni -217 gebeurde echter het ondenkbare. Wat een normale dagmars had moeten worden liep uit op een ramp. Flaminius’ leger trok bij mistig weer langs de noordoever van het Trasimeense Meer (Centraal Italië) toen volledig onverwachts Hannibals leger de heuvels af kwam rollen. Totaal verrast en niet voorbereid op een gevecht moest het Romeinse leger zich verdedigen met de rug naar het meer toe. Generaties aan fauteuil-aanvoerders verslikken zich in hun cognac. Als je dan tóch met je rug naar een meer toe aan het vechten bent, bij alle goden, verlies dan alsjeblieft niet!

500px-Battle_of_lake_trasimene-fr.svg

De Slag bij het Trasimeense Meer. Blauw zijn de troepen van Hannibal. Rood de aankomend verslagenen.

De prijs van arrogantie
Het was een meesterzet van Hannibal. De overmacht, de dreun voor het moreel, de paniek; in hun volle marsbepakking vluchtten legionairs het water in om nooit meer boven te komen. Flaminius Nepos, in eigen hoofd al lang “Redder van de Republiek”, verloor zijn hoofd en werd gereduceerd tot een streepje op het gevest van Hannibals zwaard. Één consul neer, nog één te gaan.

Naar schattingen komen er 15.000 Romeinse soldaten tijdens de Slag bij het Trasimeense Meer om het leven, een aanzienlijk deel daarvan door verdrinking. Het leger van Flaminius Nepos is zo goed als vernietigd. Tot overmaat van ramp wordt de calaverie van consul Geminus, vooruit gestuurd om Flaminius te helpen, ook in de pan gehakt. Geminus heeft hierdoor ook de mankracht niet meer om met Hannibal de slag aan te gaan.

Zolang je je niet voorstelt wat er allemaal op de bodem ligt kun je prima kamperen aan het Trasimeense Meer.

Zolang je je niet voorstelt wat er allemaal op de bodem ligt kun je prima kamperen aan het Trasimeense Meer.

Tijd voor actie
De weg naar Rome ligt open en er zijn geen Romeinse legers meer die daar iets aan kunnen doen. Er is nog maar één mogelijke actie voor de Romeinse senaat: totale paniek.

Volgende keer: om een probleem op te lossen heb je een dictator nodig. En andere wijze lessen uit de Romeinse Republiek.

Advertenties