Nieuw in de rondreis? Lees dan eerst Provincia Britannia (1): veni, vidi, foetsie.

Na het vertrek van Julius Caesar zag Britannia de Romeinse legioenen een eeuw lang niet meer terug. De Romeinen hadden het te druk met hun eigen burgeroorlogen, Egyptische koninginnen en intriges. Ook toen de Republiek eenmaal goed en wel omver geworpen was, was keizer Augustus vooral bezig de boel te consolideren. Zijn opvolger, Tiberius, was niet bijster ambitieus en zíjn opvolger, Caligula, was voornamelijk geschift. De Britse eilanden werden ondertussen langzaam maar zeker opgenomen in de Romeinse handelsnetwerken die zich vanuit Gallië over de grenzen uitspreidden.

De man achter het gordijn

Claudius verstopt achter het gordijn. Detail schilderij A Roman Emperor 41AD, door Lawrence Alma-Tadema, 1871

Claudius verstopt achter het gordijn. Detail schilderij A Roman Emperor 41AD, door Lawrence Alma-Tadema, 1871

Onverwachts werd Claudius keizer, letterlijk achter het gordijn vandaan gesleurd door de Praetoriaanse Garde na de succesvolle moordaanslag op Caligula. Hoewel directe familie van Augustus was hij op het eerste gezicht een onwaarschijnlijke kandidaat: hij was kreupel en hij stotterde. Geen uitgesproken tekenen van de Romeinse virtus, de mannelijkheid waar de Romeinen zo prat op gingen. Als keizer presteerde hij echter veel meer dan zijn twee voorgangers. Maar goed, Claudius verdient een blogpost voor zichzelf.

Terug naar Britannia!
In het jaar 43 na Christus scheepten vier legioenen, aangesterkt met Gallische hulptroepen, zich in. Het nieuwe invasieleger bestond hiermee ongeveer uit 40.000 man, aanzienlijk groter dan het leger van Julius Caesar was geweest. Directe aanleiding voor de invasie van een knap staaltje van Romeinse casus-belli-huisvlijt. Een afgezette koning van een volk uit zuidoost Engeland had bij de Romeinen aangeklopt voor militaire hulp. De deal was simpel: de Romeinen zouden hem terug in het zadel helpen; hiervoor in ruil zou de koning loyaliteit beloven aan Rome. En, oh ja, de buurvolkeren mochten natuurlijk ook gelijk onderworpen worden. Want ja… casus belli!

Verdeel en heers
Dit was het perfecte moment voor een aanval. De Britten waren verdeeld in onderling vechtende groepen (stammen? volkeren? Staphorstachtige-families? Het is moeilijk om hier een passend label op te plakken. De Romeinen behandelden de groepen in ieder geval als individuele Britse volkeren). Een aantal hiervan beloofde de Romeinen te steunen. De verdeel-en-heers-strategie was een feit.

Een slag uit het boekje
De vier legioenen vochten hun eerste veldslag uit aan de oevers van de Theems. Het was een traditionele slag uit de Romeinse Oorlogstactieken voor Dummies. De Britten stormden schreeuwend op de Romeinse linies af, ondersteund door cavalerie en strijdwagens (de Britten maakten net zoals de Egyptenaren gebruik van chariots). De onbehouwenheid van de vijand werd ontmoet met het ijzeren discipline van de legionairs en, misschien wel het meest angstaanjagende, met stilte. De legionairs waren professionals en gingen geconcentreerd de strijd aan.

De uit Noord-Afrika meegesleepte rome-total-war-elephantsolifanten hielpen ook. De toepassing van deze dieren in een veldslag was over het algemeen risicovol (gezien ze net zo goed je eigen troepen konden platwalsen), maar hun aanwezigheid was over het algemeen intimiderend genoeg om al effect te hebben. Vooral omdat de Britten ze nog nooit hadden gezien.

De geschiedenis herhaald
De Britten werden verslagen. Na een tweede vergelijkbare veldslag stuurde de dienstdoende generaal een bericht aan Claudius, nog in zijn hoofdkwartier in Gallië. Claudius was geen militair en stond niet bekend als een groot strateeg, maar hij begreep heel goed dat het cruciaal voor zijn reputatie was om de overwinning op de Britten eigenhandig op te eisen. Het weinige respect dat men in Rome voor hem had, had hem heel goed vroeg of laat het leven kunnen kosten. Wat dat betreft was deze oorlog aan de grenzen van het rijk voor Claudius net zo belangrijk als het voor Caesar een eeuw eerder was geweest.

Mannen werden dan wel geboren in Rome, maar groot werden ze pas daarbuiten.

De geschiedenis vernieuwd
Claudius was een goede overwinnaar. Volgens de Romeinse historici slaagde hij erin 11 Britse volkeren over te halen zich zonder bloedvergieten over te geven. Een Britse bevelhebber die nog zeven jaar lang de Romeinse verovering frustreerde werd, na gevangenname, respectvol verwelkomd in Rome. Claudius gaf hem een landgoed in de buurt van Rome waar hij de rest van zijn dagen in rust kon leven. Vergelijk dat met het einde dat Julius Caesar bepaalde voor de Gallische leider Vercingetorix (dood door wurging tijdens een triomftocht na jaren in een donkere cel te hebben gezeten) en het wordt duidelijk dat Claudius van een ander hout gesneden was.

Vergoddelijking

Claudius

Claudius

Het schijnt dat de Britten uit de plaats Camulodunum (Colchester) de opdracht kregen om een tempel te wijden aan de vergoddelijkte Augustus. Hun reactie was negatief. Ze wilden Augustus niet vereren, in plaats daarvan namen ze het initiatief de tempel aan Claudius wijden. Zo werd de kreupele, stotterende Claudius, waar iedereen zolang op neer had gekeken, god in Colchester. Vermoedelijk kon hij er zelf nog het meeste om lachen.

Ondertussen hadden de Romeinen een aanzienlijk deel van zuid Engeland in hun macht. De legioenen rukten gestaag noordwaarts op, niets leek een gezwinde verovering van heel Britannia in de weg te staan.

Maar toen kwam Nero

Advertenties