Onze reis door het Romeinse rijk begint in Britannia, dat grote mistige, regenachtige eiland waarvan je je af kunt vragen wat de Mediterraanse Romeinen er ooit te zoeken hadden.

b_maiden-castle-iron-age-recon-drawing

De Keltische nederzettingen lagen meestal op verdedigbare heuveltoppen.

It’s a small world
Je zou het wellicht niet verwachten, maar de wereld in de 5e eeuw voor Christus was relatief klein. De eilandengroep voor de kust van Gallië was bekend bij de Grieken en de Feniciërs, het in handel gespecialiseerde volk uit de Levant. Niet dat de contacten met de Keltische volkeren die de eilandengroep bewoonden zeer intensief waren. Over het algemeen hadden de proto-Britten weinig te bieden wat de lange en gevaarlijke reis rechtvaardigde.

Zo lagen de Britse eilanden eeuwenlang buiten de invloedsfeer van de Middellandse-Zeevolkeren. In de 1e eeuw voor Christus had zich een Keltische cultuur ontwikkeld die nauwe banden had met hun collega-Kelten aan de andere kant van het Kanaal (ook wel bekend als de Galliërs). Over het algemeen heerste er op het grootste eiland een soort wazige staat van semi-oorlog tussen stammen, dorpen, groepen en hoge en lage drukgebieden (die regen moet toch ergens vandaan komen).

Ego ergo sum
Wat, by Jove, hadden de Romeinen daar dan precies te zoeken, vraag je je af? Waarschijnlijk stelden de legionairs die in 55 voor Christus onder leiding van Julius Caesar op het eiland landden zich dezelfde vraag. Julius Caesar, de bekende strateeg, politicus en ego-op-pootjes, had in de jaren ervoor heel Gallië aan zich onderworpen (heel Gallië? JA! Heel Gallië! Geloof die roddels toch niet!). Ik zeg bewust ‘aan zich’, in plaats van aan de Romeinse staat. Het was een persoonlijk ego-gedreven projectje geweest. In een tijd dat macht binnen de Romeinse Republiek gebaseerd was op rijkdom, was oorlog voeren een lucratieve manier om hogerop te komen. Zoals al eerder gemeld had Julius Caesar de migratie van de Helvetiërs gebruikt als Casus Belli (linkspam!) om zijn jurisdictiegebied te buiten te gaan en Gallië in te trekken.

Casus belli!
Maar Gallië bleek niet voldoende. Julius Caesar was niet alleen een briljant strateeg, hij was ook een beroepsgokker. Zijn inzet bestond uit zijn legioenen, zijn gok was Britannia. Iedere generaal weet dat je zeer voorzichtig moet zijn met lange voorraadslijnen. De Galliërs hadden zich nog nauwelijks met hun lot verzoend of Julius Caesar trok alweer door naar Engeland. Casus belli: de Kelten van Britannia hadden hun collega-Kelten gesteund bij hun oorlog tegen Caesar. Wat een veldtocht was om buit te vergaren kreeg zo het sausje van een rechtvaardige strafexpeditie.

Nadat een aanzienlijk deel van roman_warship_by_radojavor-d55uf49Caesar’s vloot (met legionairs en al) tijdens de oversteek op de rotsen was gelopen zag de strateeg geen reden om de veldtocht af te blazen. Integendeel, de overlevenden marcheerden in de bekende Romeinse slagorde Zuid-Engeland in. Het plan was simpel: verleidt de lokale bevolking tot een veldslag, versla ze, eis herstelbetalingen, ga met nóg meer rijkdommen en aanzien terug naar Rome.

Veni, Vidi… hm
Het liep anders. De Kelten speelden ten eerste al vals door de veldslag uit de weg te gaan. In plaats daarvan voerden ze guerilla-acties om Caesar’s voorraadsaanvoer te frustreren. Dit bleek bijzonder succesvol. Julius Caesar, de strateeg die de Mediterraanse piraten op de knieën had gekregen, over Gallië heen was gewalst (JA! Héél Gallië!) en later het ene na het andere militaire genie vernederde tijdens de Romeinse burgeroorlog werd verslagen door barbaren die zich niet aan de Mediterraanse oorlogsregels hielden.

juliuscaesar

“Heel Britannia!” Aldus Caesar.

Alles wordt mooier met propaganda
Wellicht nog erger was dat Julius Caesar de hele exercitie een jaar later, met grotendeels nieuwe troepen, nogmaals herhaalde. Weer met hetzelfde bedroevende resultaat. Uiteindelijk verliet hij Britannia in 54 voor Christus, schreef hij in zijn oorlogsverslag dat de hele operatie een groot succes was geweest en zette er een punt achter voordat zijn politieke tegenstanders in Rome doorkregen dat de onverslaanbare Caesar verslagen was.

Een eeuw lang bleef Britannia z’n regenachtige, onafhankelijke zelf. Het was niet voordat er een kreupele stotteraar de troon van het nu keizerlijke Rome opgeklauterd was dat Britannia viel. Heel Britannia? Nee, niet heel Britannia!

Naar Provincia Britannia (2): een kreupele god in Colchester
Niet in de stemming voor kreupele goden? Ga dan naar Provincia Britannia (3): de oorlogskoningin.

Advertenties